
Daar is de lente, daar zijn de wielertoeristen. Zelf durf ik ook wel eens het stalen ros te bestijgen. Dit stalen ros kan zowel de vorm aannemen van een mountainbike als dat van een echte koersfiets. En dan kan het al eens gebeuren dat op één van die tochten er een andere wielertoerist mijn weg kruist. Enkele aanbevelingen:
1) Draag geen merktruitjes. Het zorgt ervoor dat voorbijgangers of automobilisten direct de neiging hebben om je te vergelijken met de echte profs en dan ben je bij voorbaat hun respect verloren. Er zijn echter wel uitzonderingen op deze regel, als de merktrui te mooi is en/of een icoon is geworden (zoals dat van Molteni)
2) Geen zadeltasjes onder het zadel van een koersvélo hangen. Dit werkt als een tang op een varken of een merktruitje op een wielertoerist. Enkel voor de mountainbike te gebruiken.
3) Bierbuiken blijf bij je leest. Jullie maken ons ten schande, wij, moderne wielertoeristen, die zich liever associëren met de Hausller's en Pozatto's van deze wereld. Wij willen niet geconfronteerd worden met het verval terwijl we ons escapisme bedrijven. Zo lang bierbuiken hun wielerterrorisme blijven doordrijven (er zijn bovendien al genoeg gaten in de weg) zullen wij ons een beetje blijven schamen voor onze hobby. Je wordt zo rap over dezelfde kam gescheerd.




